WK
De WK-uitgang van het USMNT: waar sterren doofden en Pochettino’s plan barstte
Het Amerikaans mannenelftal ging de achtste finales binnen met de overtuiging dat falen ondenkbaar was, om Seattle uiteindelijk te verlaten met een 4-1 nederlaag tegen België die elke zwakte in hun WK-campagne blootlegde. Mauricio Pochettino’s Yanks leverden hun slechtste prestatie van het toernooi in een verbijsterende 90 minuten waarin individuele fouten en positionele misstappen elkaar versterkten. Jeremy Doku en Kevin De Bruyne keken vanaf de bank toe hoe België een Amerikaanse defensie uiteenreet die geen antwoorden had op een team dat zonder zijn volledige creatieve arsenaal speelde.
Christian Pulisics worstelingen verduidelijkten de bredere instorting van de avond. De 27-jarige, belast met een kuitblessure en 91 interlands, scoorde slechts één doelpunt en gaf drie assists in zijn laatste 14 wedstrijden, geen daarvan tegen CONCACAF-tegenstanders. Zijn laatste bijdrage voor de blessure was een assist tegen Paraguay, maar tegen België was hij geïsoleerd en ineffectief, gedwongen om dribbels in het verkeer te forceren en geen invloed te hebben op het spel. De man die ooit leek als de toekomst van het Amerikaanse voetbal verlaat dit WK nu met een gedimde ster.
Weston McKennies middag weerspiegelde de malaise van het team. De middenvelder won slechts één van zeven duels en speelde losse passes die de balbezit saboteerden, terwijl Sergino Dest in de eerste helft moeite had voordat hij uit beeld verdween. Malik Tillman en Tyler Adams boden de enige lichtpuntjes, maar de druk van de verwachtingen verpletterde de rest. Pochettino’s vertrouwen in Ricardo Pepi als enige creatieve uitweg op de voorhoede riep vragen op, vooral toen Haji Wright en Timothy Weah aan de kant stonden of onderbenut werden.
Pochettino’s tactische keuzes kwamen onder vuur te liggen. Johnny Cardoso’s afwezigheid deed pijn, maar Tanner Tessmanns weglating liet het middenveld kaal achter tegenover België’s elektrische Youri Tielemans. Adams, ondanks zijn inspanningen, kon de gaten niet alleen opvullen, en McKennies slordigheid in de eerste helft liet het team kwetsbaar achter. Het Belgische middenveld controleerde het spel en legde een positionele blinde vlek bloot die Pochettino niet had voorzien.
De keepervraag kwam met hernieuwde urgentie naar voren. Matt Freese, niet van wereldklasse, had betere bescherming nodig, maar de verdediging zakte in onder druk. Tim Ream, de aanvoerder, had een zware wedstrijd, en Chris Richards verergerde de fouten met een kostbare fout die leidde tot Romelu Lukaku’s laatste doelpunt. De 12-jarige droogte van de Yanks zonder een keeper van wereldklasse voelt nu als een structurele crisis.
Puliscics verval en de defensieve kwetsbaarheden van het team zijn niet de enige erfenissen van deze nederlaag. Het contrast tussen België’s beheerste efficiëntie en de Amerikaanse zijde’s chaotische wanorde was opvallend. België hield Doku en De Bruyne op de bank en overweldigde de Amerikanen toch, terwijl Pochettino’s wissels en personeelskeuzes niet in staat bleken de balans te herstellen.
De toekomst kan nog steeds rooskleurig zijn voor het Amerikaans elftal, maar de glans op het potentieel van deze generatie is ruw geschuurd. De vragen reiken nu verder dan Seattle: wie kan er voor de dag komen als de sterren falen, en wie zal het middenveld en de verdediging versterken voor de volgende cyclus?